skip to Main Content

SuperSpetters

De lesmethode van de KNZB heet SuperSpetters. Hierbij staan de lichamelijke (on)mogelijkheden van de leerling centraal bij het aanleren van de zwemslagen. In plaats van doelen per periode zijn er doelen per niveau.

Uitgangspunt van deze methode is twee zwemlessen per week. Bij De Dolfijn is het echter ook mogelijk om één les per week te volgen. De methode heeft aan het eind één diploma, dat gelijk staat aan het zwemABC. Kinderen met een SuperSpetters KNZB-diploma zijn helemaal zwemveilig.

Kinderen vanaf 5 jaar krijgen in kleine groepjes zwemles van gediplomeerde lesgevers die in het bezit zijn van een VOG (Verklaring Omtrent Gedrag). Na de periode waarin kinderen gewend raken aan het water, worden eerst de crawlslagen aangeleerd en vervolgens de enkelvoudige rugslag en de schoolslag.

Ouders worden goed op de hoogte gehouden van het leertraject. Wanneer een kind twee keer per week zwemles heeft, kan het in sommige gevallen in 10 maanden het KNZB zwemdiploma behalen en zwemvaardig zijn. Hoe snel een kind leert zwemmen, verschilt van kind tot kind. We kunnen dus geen garantie geven dat het halen van een diploma ook daadwerkelijk binnen die tijd lukt.

Voordelen

  • Voor kinderen vanaf 5 jaar
  • Groepjes van maximaal 8 kinderen (1 lesgever) of 12 kinderen (2 lesgevers)
  • Gediplomeerde lesgevers met een VOG
  • Afzwemmen voor het KNZB Zwemdiploma
  • Borstcrawl en rugcrawl als uitgangspunt
  • Survival-elementen en fun
  • Gebruik van een badmuts, zwembril en zoomers (kleine flippers)
  • Geen gebruik van drijfpakjes of andere drijfmiddelen
  • Een eigen zwemboek om voortgang te volgen
  • Beloningsmomenten met stickers
  • Regelmatige communicatie met de ouders over vorderingen van het kind

Na het SuperSpetters diploma

Na het behalen van het SuperSpetters diploma zijn er voor de leerlingen diverse mogelijkheden. Voor kinderen die beter willen leren zwemmen en kennis willen maken met onderdelen uit de wedstrijdsporten, bieden we Zwemvaardigheid I, II en III aan. Hier worden in de breedste zin van het woord de zwemvaardigheden verder uitgebreid.

Met het SuperSpetters diploma op zak is het kind klaar voor de zwemvaardigheidsdiploma’s of de wedstrijdsporten: wedstrijdzwemmen, waterpolo, synchroonzwemmen, schoonspringen en triathlon.

Verschil SuperSpetters en ZwemABC

Er is een klein verschil tussen de diploma-eisen voor het C-diploma en het Superspetters-diploma. Voor beide diploma’s geldt dat iemand zwemveilig is als deze diploma’s gehaald zijn. De praktijk heeft uitgewezen dat veel kinderen stoppen na hun A of B diploma. Superspetters heeft maar 1 diploma. Bij Superspetters ligt de nadruk wat meer op de crawl-slagen. Als een kind wil blijven zwemmen is overgang naar een wedstrijdzwemsport makkelijker.

ZwemABC

Voor zwemles aan volwassenen kiezen we voor het zwemABC. Dit bestaat uit drie Nationale Zwemdiploma’s: A, B en C. De zwemdiploma’s A en B zijn waardevolle tussenstapjes, maar wie het zwemdiploma C op zak heeft is een
echte vriend van het water geworden. Die kan zich dan goed redden in moderne zwembaden en bij activiteiten in, op en aan het water.

Eerste reeks zwemlessen

Bij het ZwemABC wordt in het begin veel aandacht besteed aan het watervrij maken: leren drijven op de borst en rug, te water gaan en er uit klimmen, draaien van borst naar rug naar borst, onder water gaan, onder water kijken en zoeken. Na deze periode van watervrij maken is het tijd voor de volgende fase: de zwemslagen.

Zwemslagen en meer vaardigheden

Bij het ZwemABC leert men vanaf het begin vier zwemslagen: enkelvoudige rugslag, schoolslag, borstcrawl en rugcrawl. Deze laatste twee zijn kennismakingsslagen en worden bij ieder diploma moeilijker. Behalve aan de zwemslagen blijft ook aandacht besteed worden aan allerlei oefeningen in diep water, zoals verschillende manieren van in het water gaan, onder water zwemmen, klimmen en klauteren op een vlot en op de kant en naar de bodem gaan.

Zwemveiligheid

Bij het ZwemABC ligt een belangrijk accent op het veilig zijn in het water. Al vanaf de eerste zwemlessen wordt hieraan aandacht besteed. Er wordt geoefend met vallen en opstaan, in het water springen en uit het water klimmen. Ook met kleren aan in het water zijn komt regelmatig tijdens de lessen aan de orde.

Zwemvaardigheid

Bij de zwemvaardigheidslessen leer je je zwemslagen verbeteren en onderdelen van de wedstrijdsporten, zoals zwemmen en overgooien met een bal (waterpolo), startduik en keerpunten van het wedstrijdzwemmen en een paar technieken uit het synchroonzwemmen. Ook survival, reddend zwemmen en onderwater oriëntatie horen bij zwemvaardigheid.

De tekeningen op deze pagina zijn gemaakt door Carline Verhagen.

Back To Top